Neuigkeiten über Schalbruch

von Anno Dazumal

30.12.1955: 8 doden bij ramp op S.B.B.

Betonnen vloer met arbeiders neergestort

3 Zwaar gewonden in het ziekenhuis
GELEEN, 30 Dec. (Eigen red.) — Tijdens werkzaamheden aan de granuleertoren van de ureumfabriek op het terrein van het SBB te Geleen heeft zich Vrijdagmiddag een zeer ernstig ongeluk voorgedaan, dat tot nog toe aan acht arbeiders het leven heeft gekost. Voor het leven van drie anderen wordt gevreesd. De elf arbeiders, werkzaam bij de Bredase beton- en aannemingsmaatschappij waren bezig met het storten van beton op een vloer, welke op een hoogte van 34 meter in de in aanbouw zijnde toren was aangebracht. Omstreeks half twee is de ondersteuning van de bekisting bezweken, zodat de gehele vloer met de daarop aanwezige el] arbeiders naar beneden stortte. De arbeiders kwamen terecht in een ravage van planken, betonijzer en beton.
Onmiddellijk werden de reddingswerkzaamheden ingezet. Het werd de leden van de reddingsbrigade al spoedig duidelijk, dat hier een ramp had plaats gevonden. Nadat omstreeks vier uur het laatste slachtoffer uit de ravage onder in de toren was bevrijd, bleek de balans zeven doden en vier zwaar gewonden te zijn. Een der zwaar gewonden is spoedig na zijn opname in het ziekenhuis te Sittard overleden.

De doden zijn: J. Frijters, 55 jaar, uit Geleen, die in het ziekenhuis te Sittard overleed: H. Penders, 43 jaar, uit Geulle; Th. J. Arts, 36 jaar, uit Maastricht; J. H. Speetjens, 40 jaar, uit Hulsberg; N. J. Bonman, 40 jaar, uit Sittard: P. M. Slangen, 26 jaar, uit Sittard; G. Janssens, 52 jaar, uit Breda en G. Mohren, 37 jaar, uit Schalbruch . Hun stoffelijk overschot is vervoerd naar de ziekenhuizen te Sittard en Maastricht. De zwaar gewonden zijn: H. de la Couture uit Spaubeek, A. A. Blommaert uit Susteren en M. Maas uit Kerkdriel. De gewonden zijn naar het ziekenhuis de Goddelijke Voorzienigheid te Sittard overgebracht.

De reddingswerkzaamheden zijn in een zeer snel tempo verricht. Geneeskundige en geestelijke hulp was zeer spoedig ter plaatse. Ook mr. Ch. Nuis van het parket te Maastricht heeft zich naar het 5.8.8, begeven om het onderzoek te leiden.
Burgemeester Corten van Stein kwam persoonlijk naar het 5.8.8. om daar te vernemen, dat er geen getroffenen uit Stein bij waren. De burgemeesters van Sittard en Geleen lieten zich telefonisch op de hoogte stellen.

De ramp op het 5.8.8, op de enerlaatste dag van 1955 heeft in brede kring diepe indruk gemaakt. De arbeiders van het S.B B. scholen na hun dienst in groepjes samen, voordat zij in de bussen stapten. De wildste geruchten deden de ronde. Zü werden later door de droeve werkelijkheid nog overtroffen. Later op de middag kwamen familieleden informeren of hun verwanten bij de getroffenen behoorden. Zij gingen opgelucht of bedroefd weer weg.

De mijnindustrie had reeds de balans van het aantal dodelijke ongelukken in 1955 opgemaakt. Men had vastgesteld, dat 1956 met 15 dodelijke ongevallen, 12 ondergronds en L 3 bovengronds, een zeer gunstig jaar was geweest. Dit laatste record was ook in 1949, toen er eveneens 15 dodelijke ongelukken gebeurden, bereikt. De andere jaren na de bevrijding was het aantal dodelijke ongelukken hoger. Door de ramp op het 5.8.8, is de gunstige balans in het tegendeel verkeerd.

Enkele ogenblikken na de ramp op het S.B.B. in Geleen werd onderstaande foto genomen. In het diepe gat van de granuleertoren ziet men de enorme ravage na 't instorten van de vloer, waarop de arbeiders bezig waren beton te storten. De slachtoffers raakten onder het puin bedolven.

(C) 2009-2017 Hans Mohren, Schalbruch